Sonnet 250 zeeklimaat

Een sonnetje met twee rijmuitgangen. Dat ik het hier neerzet, is omdat het sonnet 250 is. Dat is een mooi getal; iets om te vieren. Bovendien valt de dag waarop ik het geschreven heb, toevallig op dezelfde datum als die van Sonnet 1, luxe. Sonnet 250 is dus mijn ‘verjaardagssonnet’. En dat maakt het toch een beetje bijzonder.

Sonnet 250

Hollands zomerweertje. Bloesems knoeien
van de gouden regen op de straat.
Grauwe lucht, gestage neerslag, graad
of achttien. Juni. Voedselstromen vloeien

in de moestuin. Rozen. Distels. Slakkenvraat.
Eerst het bootje hozen, daarna roeien.
Is niet nodig om de tuin te sproeien.
Grutto in het grasland maakt zich kwaad.

Walkant repareren, meidoorn snoeien;
geen rabarber meer, is nu te laat;
gladiolen moeten nog een heel stuk groeien.

Bij kampeerders is dit weer gehaat
en ik snap wel dat zij het verfoeien
maar ik houd van Hollands zeeklimaat.

2010-06-10

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s