De Joden en de pest

1348. In Europa heerst de Zwarte Dood waaraan uiteindelijk ongeveer een derde van de Europese bevolking zal overlijden. Joden hebben er minder last van dan de rest van de bevolking. In Straatsburg geeft de Joodse arts Balavignus opdracht om het getto helemaal schoon te maken en het afval te verbranden. Weinig gettobewoners overlijden vervolgens aan de gevreesde ziekte, die in andere stadswijken veel slachtoffers maakt.

Met de kennis van nu is het makkelijk te zien waar het succes op berustte. De pest wordt overgebracht door vlooien van de zwarte rat. Als een gemeenschap strenge reinigingswetten in acht neemt en afval verbrandt, zullen er je minder ratten zijn en dus ook minder zieken. Maar dat is achteraf: destijds wist men niet hoe de ziekte werd verspreid. Er bestonden wel allerlei theorieën over, maar die hielpen niet erg en maakten het soms nog erger.

Nu zou je denken: toen dat zo goed ging in die Joodse wijk, kwamen de Christenen eens kijken hoe die Joden dat voor elkaar kregen, zodat ze de methode konden overnemen. Dat zou inderdaad rationeel zijn geweest. Helaas reageren mensen vaak niet zo rationeel, vooral niet als ze bang zijn.

Dat de Joden zoveel minder last hadden, moest een oorzaak hebben. Maar welke? Joden maakten geen gebruik van de openbare waterputten. Kon dat er wat mee te maken hebben? Ja, dat zal het zijn! De Joden waren natuurlijk boos dat ze minder rechten hadden dan Christenen. Om zich te wreken, vergiftigden ze de openbare waterputten. Zo moet ongeveer de redenering gelopen hebben. Al snel was het stadsbestuur overtuigd van de juistheid van deze theorie.

Dokter Balavignus werd gevangengenomen en gemarteld tot hij bekende dat het inderdaad waar was: de Joden hadden de openbare waterputten vergiftigd. In die tijd gold, net als nu, een bekentenis als een sterk bewijs. De dokter kreeg een gepaste vreselijke straf, die hij uiteraard niet overleefde. Toen was het tijd om de rest van Europa op de hoogte te stellen: de oorzaak van de Zwarte Dood was bekend, er waren harde bewijzen dat de Joden erachter zaten. Niet moeilijk om te bedenken wat er vervolgens met Joodse gemeenschappen in veel Europese steden gebeurde. Zelfs in Nederland vond een pogrom plaats. De Joden verdwenen, de pest bleef.

Kijkend door de bril van nu zeg je: dom van die Christenen. Als ze beter hadden nagedacht, hadden ze de levens kunnen sparen van massa’s Joden, maar ook die van massa’s Christenen. Wat een zinloos geweld.

Wat mij nu interesseert aan dit verhaal, is de vraag hoe dit mogelijk is. Waarop berust de domme reactie van de Christenen? En zou het in onze tijd beter gaan?

Terwijl ik opensta voor andere verklaringen, denk ik dat er gewoon sprake was van zondebokdenken. Als er iets fout gaat, geeft het een soort primitieve bevrediging om er iemand de schuld van te geven en diegene ervoor te straffen. Zondebokdenken is zo oud als de mensheid en misschien nog wel ouder. Maar dat is pas één aspect. Het stadsbestuur had iedereen als zondebok kunnen aanwijzen, waarom moesten het nou juist degenen zijn die een oplossing voor het probleem hadden? Hoe is het mogelijk dat de Christenen zichzelf zo voor de voeten liepen?

We weten dat brengers van slecht nieuws niet populair zijn. Bij slecht nieuws kan het lastig zijn om de boodschapper te onderscheiden van de boodschap. Maar in dit geval was Balavignus nu juist de brenger van het goede nieuws: hij had een methode die echt werkte. Waarom konden de Christenen dat niet zien? Waarom gingen ze nog liever massaal dood?

Advertenties

Een Reactie op “De Joden en de pest

  1. Pingback: Problemen oplossen 2: stress | BetjePraktisch

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s