Tagarchief: kinderen

Die pijn gaat nooit voorbij

Een vrouw komt met haar twee kinderen aan bij een concentratiekamp. Eén van de twee mag ze houden. Het andere zal meteen naar de gaskamers gaan. Ze moet kiezen. Welk kind zal ze naar de gaskamer sturen? Hierover gaat de film Sophie’s Choice. Het is gruwelijk, onmenselijk om zoiets van een moeder te vragen. Iedereen die een hart in z’n lijf heeft, begrijpt dat. Toch stellen we in Nederland ouders voor dezelfde keus. In 2012.

De stekker eruit
Soms loopt een kind hersenschade op. Het kan door een ongeval zijn of door een ziekte. Hersenvliesontsteking bijvoorbeeld. Of het kind wordt geboren met een ernstige handicap. Dan kan de arts besluiten om de behandeling te staken. De behandeling, dat is soms medicatie. Soms komen er machines aan te pas. En soms is de ‘behandeling’ alleen maar de voeding.

Kasplantje
Er moet een beslissing komen. Behandelen we door of niet? De arts betrekt de ouders bij de beslissing. Hij vindt het het beste om ‘de stekker eruit te trekken’. Dat raadt hij aan. Het kind zal anders een kasplantje worden, meent hij.

Onmenselijk
De ouders moeten nu kiezen wat ze liever willen: een gehandicapt kind of een dood kind. Dat is een onmenselijke keus. Net zo onmenselijk als de keus die Sophie moest maken in de film.

Gehoorzame ouders
Vaak zullen ouders de raad van de arts opvolgen. Het beroemde “experiment van Milgram” toont aan dat de meeste mensen bereid zijn om iemand te doden. Als ze daartoe worden aangemoedigd door een autoriteitsfiguur. Zoals een arts. En zo gebeurt het dan. De behandeling wordt gestaakt. Het kind sterft. De arts is gerustgesteld: de ouders waren het met hem eens.

Tevreden verder?
Maar heeft er weleens iemand onderzocht hoe het verder is gegaan met deze ouders? Hoe gaat het eigenlijk met mensen die toestemming hebben gegeven voor het overlijden van hun kind? Huppelen ze na een paar jaar blij verder? Of blijft het ze levenslang achtervolgen, net zoals het Sophie bleef achtervolgen?

Spijt en twijfel
Ik heb zulke ouders gesproken. Zij huppelden niet vrolijk verder. Integendeel. Ze bleven altijd twijfelen of ze wel de juiste keus hadden gemaakt.

Die pijn gaat nooit voorbij.

Advertenties

Paracetamol maakt euthanasie overbodig

Nieuwsberichtje deze week op de radio: Onderzoek heeft aangetoond dat baby’s met een open ruggetje niet ondraaglijk lijden. Daarom komen ze niet meer in aanmerking voor euthanasie.

Tot nu toe was aangenomen dat ze extreem veel pijn leden. Nu is dat onderzocht en het blijkt niet zo te zijn. Als ze al pijn hebben, dan kunnen ze goed behandeld worden met paracetamol. Euthanasie op deze kinderen, zoals tot nu toe gebruikelijk was, is daarom niet meer nodig. Einde bericht.

Ik vraag me af hoe dit moet aankomen bij ouders die toestemming hebben gegeven voor euthanasie op hun kind. Ouders aan wie een autoriteitsfiguur in een witte jas heeft verteld dat hun kleintje ondraaglijk en uitzichtloos leed.

Je hebt toestemming gegeven voor euthanasie op je baby. Je bewees je kind een dienst. Zei de dokter. Je dacht, die zal er wel verstand van hebben. Die heeft er voor doorgeleerd. Nu hoor je op de radio dat het niet nodig was. Het probleem had verholpen kunnen worden met paracetamol. Om dat als ouder mee te maken, dat lijkt mij nou ondraaglijk en uitzichtloos lijden.

Het geheim van rijm

Wat is rijm?

Rijm is herhaling van klanken.

Regelmatige herhaling is ritme.

Rijm is dus een vorm van ritme.

Rijm stelt gerust. Als je rijm hebt opgebouwd, kun je het doorbreken. Waarom zou je dat doen?

Laten we eens kijken naar een bekend kinderrijmpje:

olleke

bolleke

rubi

solleke

olleke

bolleke

knol!

Voor wie het niet kent: de deelnemers bouwen een toren van hun vuisten. Bij ieder nieuw ‘woord’ komt er een nieuwe vuist bovenop de toren. Degene die aan de beurt is om ‘knol’ te zeggen, laat met een klap de toren instorten.  Peuters vinden dit een spannend spelletje.

Wat valt op in dt rijmpje? Het woord ‘rubi’. Het rijmt niet met de rest en het heeft ook een ander metrum: niet sterk-zwak-zwak  (ol-le-ke) maar sterk-zwak (ru-bi). De klanken zijn heel anders dan in de rest van het versje. Wat zou er gebeuren als we ‘rubi’ vervangen door een woord dat netjes rijmt met de rest? Laten we eens kijken.

olleke

bolleke

dolleke

solleke

olleke

bolleke

knol!

Het rijmpje is nu minder spannend geworden. Dat woordje ‘rubi’ laat het kind vermoeden dat er iets aan de hand is met de regelmaat. Maar voorlopig gaat het bouwen van de toren nog door. Het rijmpje wordt nog een keer herhaald: olleke, bolleke … en dan, op de plaats waar de vorige keer ‘rubi’ kwam, daar komt nu: ‘knol!’ en dan stort de toren in.

Rijm kun je dus gebruiken om spanning op te bouwen.